reis Hanneke en Piet 2017 deel IV

VAN PAMBAN NAAR MADURAI EN DE BACKWATERS.
Op 14 februari werden om 5 uur door Allah gewekt. Op dat moment logeerden we in hotel Daiwik, gelegen in Pamban op het eiland Rameswaram. Om 8 uur zouden we naar Madurai vertrekken voor een tocht van ruim 120 km. Na het indringend geluid van het ochtendgebed startten we al om 7.30 uur. Ook fr. Jesudoss, die de avond en nacht had doorgebracht bij vrienden van zijn oude parochie in Pamban, was ook vroeg gewekt en om 7.30 uur klaar voor vertrek.

Naar Sivangagai.

We waren op 11 februari door bisschop Dr. J. Susamanickam uitgenodigd voor de lunch. Deze ontmoeting was een mooie onderbreking van onze reis van het Eiland naar Madurai. Op diplomatieke wijze had fr. Jesudoss duidelijk gemaakt dat we slechts tijd hadden voor een kopje koffie. Onderweg naar het bisschopshuis zagen we voor het eerst en tevens de enige keer dat het wat geregend had. We maakten gebruik van een nieuwe vierbaans autoweg. Echter vlak voor Sivangangai hield de weg plotseling op. Er stond een hoogspanningsmast midden op het wegdek. Dit leek ons geen goede werkvoorbereiding. We moesten er omheen, er was geen weg, slechts een verhard zandpad ! Over een gevaarlijke situatie gesproken!!

De ontvangst door de bisschop Susamanickam was hartelijk. Er waren koekjes en lekkere koffie. De koffie die we tijdens onze reis hebben gedronken was overigens steeds van goede kwaliteit. Hanneke had een kleine attentie ( chocolade ) uit Nederland meegebracht en de bisschop gaf ons een aandenken aan zijn bisdom. Zeer geïnteresseerd was de bisschop in onze rondreis. Hij gaf aan dat hij blij is dat de regio Zuid Oost veel aandacht krijgt van de overheid. Verbetering van de infrastructuur is belangrijk, aldus de bisschop. Ook vertelde hij over zijn bezoek aan zijn priesters in Nederland. Hij was recent nog in Drunen en Schijndel. Na dit kort bezoek reisden we door naar Madurai, We passeerden het mooie dorp Muthupatti, vlakbij Sivangangai. Muthupatti is de geboorteplaats van fr. Titus, momenteel kapelaan in Drunen.

Madurai

De rit naar Madurai ging door een mooi en vruchtbaar agrarisch gebied waar vooral, met gebruik van moderne landbouwmachines, rijst wordt gebouwd. Men is er zeer creatief om water op de akkers te krijgen voor het verbouwen van rijst. Onderweg bezochten we nog een van de vele fabrieken in die streek waar marmer wordt verwerkt. We ontdekten dat fr. Jesudoss marmertegels nodig heeft voor de nieuwbouw . De prijs was in eerste instantie natuurlijk te hoog. Uiteindelijk maakte hij een voorlopige prijsafspraak. Opvallend was dat we zonder begeleiding een rondgang mochten maken door de fabriek.

Ons eerste doel in Madurai was het bezoek aan het Gandhi museum. Dit bijzondere museum hebben we in 2013 ook al bezocht. Heel apart in dit museum is dat de met bloed besmeurde dhotti ( dit is een lapstof die mannen om hun taille knopen en die reikt tot de enkels; het is de traditionele dracht van mannen ) is te zien die Mahatma Gandhi droeg tijdens de aanslag op zijn leven. Toen we naar het museum reden spotten we een grote groep vrouwen die protesteerden tegen het geweld van vrouwen in hun land. Dit was zo indrukwekkend dat er van een bezoek aan het museum niets gekomen is!!

We waren bij Selvi, de jongste zus van fr. Jesudoss, en haar man uitgenodigd voor de lunch. Uiteraard was het ook bij dit echtpaar genieten. Selvi en haar man hebben een goed florerende handel in kippenvlees. Samen met Selvi en haar zoon Louis bezochten we de belangrijkste attractie van de stad namelijk de imposante Meenakshi tempel. De tempel in zijn huidige vorm is gebouwd in de jaren 1623-1655. Het tempelcomplex is 6 ha groot en ligt in de binnenstad van Madurai. Er zijn vier ingangen met toegangstorens die 60 meter hoog zijn. De torens zijn bedekt met honderden fel gekleurde figuren die allen een mythologische figuur voor stellen. De tempel herbergt duizenden prachtige beelden en staat voor zover bekend op de werelderfgoed lijst van Unesco. De granieten beelden worden eens in de twaalf jaar gereinigd. Er waren strenge veiligheidsmaatregelen getroffen. We werden gefouilleerd en moesten ons fototoestel inleveren. Er stond bij de ingang een bord: fotograferen is verboden. Volgens fr. Jesudoss gold dat niet voor hem en maakte stiekem met zijn telefoon een paar foto`s. Bij de uitgang stond een bord met de tekst: fotograferen met een telefoon is toegestaan!!!! Verder bezochten we die dag Antonysami de oudste broer van fr. Jesudoss en zijn gezin. In hotel North Gate hebben we de nacht doorgebracht.

Munnar.

Op 15 februari was onze bestemming Munnar. Munnar ligt in de bergen op circa 200 km ten westen van Madurai in een adembenemend mooi landschap met ontelbare theeplantages. Het was bocht in bocht uit. Onderweg deden we een ziekenhuis aan waar een zus van fr. Mariyan gynaecologe is. Samen lunchten we in het prachtig gelegen hotel Lotus. Omdat Hanneke regelmatig het te pittige eten niet kon verdragen vroeg zij regelmatig of men ook patatfrites had. In 2010 kende men het woord nog niet, maar nu wel. Helaas zij hadden geen patatfrites. De huidige dynamiek van India is momenteel ‘dat doen we even’. De kok zei: “Wij hebben aardappelen en dus jij krijgt heerlijke patatfrites”. In Munnar kochten veel blikjes thee voor familie en bekenden. We zagen in Munnar zelfs een voetbalwedstrijd. Het was grappig te zien hoe men bier kon kopen. Men moest door een afgescheiden gangetje, zodat men niet kon zien hoeveel men kocht. We logeerden in een ressort dat tegen een berghelling lag. Een prachtige avond met een mooi uitzicht. Helaas viel om half één het licht uit en dat duurde tot half zeven in de morgen. Het was improviseren, onze zaklichten kwamen goed van pas.

Alappuzha.

Zonder ontbijt vertrokken we op 16 februari om 7 uur naar de bij Alappuzha gelegen Backwaters voor een tocht met een houseboat.
We reden circa 120 km door de bergen met onderweg een pauze voor het ontbijt. Omstreeks het middaguur waren we bij onze houseboat. Aan boord ontmoetten we de bootsman, de kok en de mecanicien. Het was prachtig weer en dus genieten.
De houseboat voer tot zonsondergang. Opvallend was de enorme hoeveelheid varende houseboats. Men zegt dat het er momenteel wel 1300 zijn, in allerlei grootte en kwaliteiten. Er was veel bedrijvigheid en regelmatig sprake van filevorming.

Vervolgens maakten we een wandeling langs het water. We zagen drie vissende jongens. Ze lieten vol trots hun vangst zien. Heel bijzonder was dat we getuigen waren van de gelijktijdige visvangst van de twee van de drie jongens. Naast veel authentieke gebouwtjes ontdekten we nieuwe gebouwen, die het karakter van de backwaters aantasten. De nieuwbouw wordt verhuurd aan toeristen. We werden gewaar dat mensen een bad namen of water schepten voor huishoudelijk gebruik. Het was aan boord goed toeven en we brachten er ook de nacht door. De backwaters is een zeer visrijk gebied. Na zonsondergang en voor zonsopgang mag er niet gevaren worden om de beroepsvissers niet te hinderen. `s Morgens zagen we enige vrouwen die voor de lunch of avondeten een visje probeerden te vangen.

Omstreeks 13 uur vervolgden we onze reis naar Cochi, maar daarover in ons laatste reisverslag V.